Microsoft introduceert een preview van een nieuwe app waarmee je bedrijfsapplicaties kunt bouwen, aanpassen, publiceren en beheren via een gesprek in natuurlijke taal. De oplossing werkt naadloos samen met Copilot Studio en wordt centraal beheerd vanuit het Microsoft 365-beheercentrum.
Microsoft heeft een preview aangekondigd van een nieuwe applicatiebouwervaring binnen Microsoft Copilot Cowork, aangevuld met vergelijkbare functionaliteit in Microsoft Copilot Studio. Het concept verplaatst applicatieontwikkeling naar een conversationele ervaring. Gebruikers beschrijven eenvoudig het gewenste bedrijfsresultaat, de betrokken gebruikers, data en acties, waarna het platform met behulp van agentic coding een eerste werkende versie van de applicatie genereert. Deze kan vervolgens in natuurlijke taal verder worden verfijnd, getest, beoordeeld en gepubliceerd.
De functionaliteit is beschikbaar via de skill/app in de Copilot Cowork-chat of via de optie App (Preview) op de startpagina van Copilot Studio. Applicaties die in Cowork worden gebouwd, kunnen later worden geopend en bewerkt in Copilot Studio. Hierdoor ontstaat een natuurlijke overgang van snelle prototyping naar geavanceerde personalisatie. De ervaring is ontworpen voor een breed scala aan gebruikers. Zakelijke gebruikers kunnen zich richten op de gewenste oplossing, terwijl makers en ontwikkelaars de structuur en onderliggende code kunnen bekijken wanneer zij meer controle nodig hebben.
De applicaties integreren met bedrijfssystemen via een collectie van meer dan 1.500 connectors en kunnen gebruikmaken van Work IQ om toegang te krijgen tot de organisatorische context. Dit onderscheidt Copilot Cowork van generieke oplossingen voor codegeneratie. Applicaties worden niet geïsoleerd ontwikkeld, maar direct verbonden met de data en processen die de dagelijkse bedrijfsvoering ondersteunen.
Governance vormt een belangrijk onderdeel van deze aankondiging. Applicaties maken gebruik van Microsoft Entra-authenticatie en vallen automatisch onder de bestaande beleidsregels voor connectors, omgevingen, data, beveiliging, compliance en het delen van informatie. Beschikbare beheermogelijkheden zijn onder meer Beperkingen voor het delen van applicaties, Conditional Access, Geavanceerde beleidsregels voor connectors en Data Loss Prevention (DLP)
Afhankelijk van het ingestelde governancebeleid worden makers automatisch doorgestuurd naar een afgeschermde persoonlijke ontwikkelomgeving in plaats van een gedeelde omgeving. Deze omgeving wordt direct beschermd door veilige standaardinstellingen die beheerders verder kunnen aanpassen.
In organisaties waar environment routing nog niet is ingeschakeld, wordt deze automatisch toegepast op applicaties die via deze methode worden aangemaakt, zonder gevolgen voor andere Power Platform- of Copilot Studio-resources.
Vanuit beheeroogpunt zijn gepubliceerde applicaties zichtbaar onder Apps > All apps in het Microsoft 365-beheercentrum. Hier beschikken beheerders over een centraal realtime overzicht van applicaties, gebruiksanalyses, operationele status, compliance-informatie en distributiecontroles. Tijdens de previewfase kunnen beheerders de functionaliteit in- of uitschakelen en de toegang beperken tot specifieke beveiligingsgroepen.
2026 en werd afgerond op 14 september 2026. De functionaliteit is als preview beschikbaar via het Frontier Program en vereist een Microsoft 365 Copilot-licentie en toegang tot Cowork.
Microsoft positioneert deze functionaliteit voor persoonlijke productiviteitsapplicaties, gedeelde teamoplossingen voor workflowautomatisering en organisatiebrede toepassingen die tenantbreed worden uitgerold en centraal door beheerders worden beheerd.